Skip to content

Na Paraguay-Frankrijk | Het probleem met voetbal-DNA

Wanneer wordt een voetbalanalyse vol kleurrijke taal een misplaatste veralgemening over een bevolkingsgroep, vraagt Thomas Peeters, Union-supporter en stafmedewerker van ORBIT vzw zich af. Ruben Van Gucht zou beter moeten weten.

Paraguay had er tegen WK-topfavoriet Frankrijk geen elegante wedstrijd van gemaakt, afgelopen weekend. Wilde tackles, provocaties, slagen en zelfs een poging om de penaltystip kapot te stampen: het was hard, cynisch en onsportief voetbal. Voer voor tal van analyses, en terecht.

Tot Sporza-presentator Ruben Van Gucht zich tijdens de rust plots hardop afvroeg hoe “ze daar in Paraguay” naar zo’n speelstijl kijken: “Het is moeilijk om Paraguay naar hier te halen, maar we hebben toch één Paraguayaanse in ons gezelschap. Ik vraag mij af: zit dit nu gewoon in het gemiddelde DNA van een Paraguayaan, sorry dat ik het zeg, ‘smerig zijn’, op het voetbalveld bedoel ik, niet in het dagdagelijkse leven?”

De Paraguayaanse vrouw reageerde aarzelend, ontkrachtte zijn nogal suggestieve vraag en stelde uiteindelijk dat spelen met een hart voor je land toch “Paraguayaans” is. Waarna Van Gucht concludeerde dat we “eindelijk een antwoord hadden op onze vraag”.

Het moment passeerde geruisloos, op een hoofdschuddende Paraguay-supporter en de verbouwereerde lach van een andere analist na. Maar net die ongemakkelijke reacties maakten duidelijk dat de vraag niet onschuldig was.

En op het eind…

Voetbalcommentaar moet het hebben van grote woorden, dat besef ik wel. Ploegen hebben een ziel, landen een stijl, spelers een karakter. Stereotypen alom: Italianen zijn sluw, Engelsen fysiek, Brazilianen technisch, en “op het einde winnen de Duitsers”. Dat dergelijke stereotypen niet altijd accuraat zijn – Duitsland speelde sinds de wereldtitel van 2014 drie draken van toernooien – laten we even buiten beschouwing.

Belangrijker is wat dit soort taalgebruik doet met de beeldvorming over bevolkingsgroepen. Hoe je het ook draait of keert, gedrag duiden via het vermeende DNA van een bevolkingsgroep is een grove veralgemening die raakt aan raciale stereotypering. Dat maakt van de presentator geen racist, ik dicht hem ook geen racistische intenties toe, maar problematisch is het wel. Concreet gedrag van specifieke spelers in een specifieke wedstrijd wordt verbonden met Paraguayanen als groep. Van “deze ploeg speelt hard” naar “zo zijn Paraguayaanse voetballers – of Paraguayanen – blijkbaar”.

Die reflex zit diep ingebakken in de manier waarop gebeurtenissen binnen en buiten het voetbal vaak geduid worden. Zodra we een verschil zien in geslacht, afkomst of seksuele oriëntatie hebben we al snel de neiging om gedrag niet langer te zien als gesteld door individuen in een bepaalde context, maar als iets dat verklaard moet worden vanuit vermeende groepskenmerken.

Hoe vaak gebeurt het niet dat aan mensen met een bepaalde afkomst gevraagd wordt om het gedrag van “landgenoten” of “leden van hun gemeenschap” te verklaren of er afstand van te nemen? Zelfs wanneer zij met die mensen misschien niets meer gemeen hebben dan een taal, een naam of een migratiegeschiedenis.

Argentijnse grinta

Over de eigen groep hebben we vaak een veel genuanceerder oordeel. Eigenlijk speelde Paraguay een beetje zoals Union, de Belgische bekerwinnaar en vicekampioen, maar dan in de overtreffende trap. Tijdrekken, provoceren, stoken, harde tackles. Geen enkele Belg die het in zijn hoofd zou halen om dat als “de Belgische manier” van voetballen te zien. Er is immers ook nog Club Brugge of Anderlecht. Bovendien is Union pas recent op die manier gaan spelen. Het Paraguay van deze wereldbeker is ook niet het Paraguay van vorige wereldbekers.

We mogen van voetbalanalisten verwachten dat ze zich bewust zijn van de maatschappelijke impact van hun woorden. Wie op zoek gaat naar het “DNA” van een bevolkingsgroep, zelfs zogezegd alleen binnen het voetbal, wekt de indruk dat gedrag uiteindelijk terug te voeren valt op culturele of nationale achtergrond, en dat die bovendien eens en voor altijd vastligt.

Wie het voetbal volgt, weet dat zulke kort-door-de-bochtanalyses geen uitzondering zijn. Hoe vaak werd Kevin Mac Allister van Union dit jaar niet geprezen om zijn ‘Argentijnse grinta’? Hoe vaak worden Afrikaanse spelers niet vooral om hun fysieke kenmerken geprezen, en veel minder om hun tactisch vernuft?

Natuurlijk moeten we niet doen alsof elke ongelukkige formulering meteen een bewuste racistische daad is. En natuurlijk bestaan er voetbalculturen. Maar “DNA”, “smerig” en “bevolkingsgroep” in één zin – en vervolgens iemand uit die bevolkingsgroep vragen om zich daarover uit te spreken? Dat is toch niet waar de VRT voor staat?

Voetbalcommentatoren hoeven niet kleurloos te spreken. Ze mogen scherp, geestig en gepassioneerd zijn. Dat kan perfect zonder kwetsende stereotypen. Meer nuance maakt voetbalcommentaar niet minder levendig, het maakt de analyse net scherper, preciezer en sterker.

(dit artikel verscheen op 7 juli 2026 op De Standaard en in de gedrukte krant van 8 juli, respectievelijk met de titels Beste Ruben Van Gucht, het is niet omdat Paraguay “smerig voetbal” speelde, dat de Paraguayanen een “smerig volk” zijn en Beste Ruben van Gucht, een voetbalploeg is geen volk)

Dit artikel werd ook gepubliceerd op De Standaard website op 7 juli.

Back To Top